Wanneer maak je tijd voor mij?

Gisteren vroeg iemand me, goedbedoeld: “Wat doe jij de rest van de week, als je winkel niet open is?”.
’s Avonds kreeg ik dan ook de vraag van een vriend of ik dan in de week niet kon langskomen, als mijn winkel niet open is.

Ik heb een volwaardige job zoals iemand anders. Ik kan wat schuiven met mijn uren, dat wel. Ik heb vrijheid om te kiezen. Ik kies ervoor om mijn zoon van school te halen om tien voor vier, wat mijn werkdag zéér kort maakt. En ik vind het belangrijk, dat ik dat kan doen. Maar dat betekent dat die uren ongelooflijk goed benut moeten worden.

Wat doe ik in de week? Ik heb een webshop, die voltijdse inzet vraagt. Dat is niet "‘wat pakskes inpakken", maar dat is continue gas geven. Dat gaat over stock op peil houden, leveranciers contacteren, webshop updaten, vervaldata controleren, bijbestellingen doen, verpakkingsmateriaal bestellen en optimaliseren, marketing, klantendienst, prospectie nieuwe producten. Alleen de webshop is al een voltijdse job. Ja, dat kan je je moeilijk inbeelden, want het ziet er toch zo gemakkelijk uit aan de buitenkant. “Wat pakskes inpakken”, is het dus niet.

Kan het efficiënter? Jazeker. Prul ik soms niet teveel? Jazeker. Ik ben een creatieve geest, met bijhorende chaos. Ik word er steeds beter in. Maar ik heb recht op mijn zoektocht naar efficiëntie. Het is niet omdat ik tijd zou kunnen besparen, dat ik niet mag zagen dat ik het druk heb.

De rest van mijn tijd breng ik door met consulten, planning van workshops, boekhouding, beantwoorden van mails, bloggen. Ook ‘s avonds werk ik vaak. Op zaterdag is mijn winkel open, op zondag is het tijd voor mijn gezin. En ja, ik zou dan in de week best een weekenddag inbouwen, maar die is dan helemaal voor mezelf, gepermitteerd?

Waar wil ik nu met mijn ‘betoog’ naartoe?

Ik denk vooral dat we wat minder automatisch moeten oordelen over iemands leven en tijd.
We vormen ons te gemakkelijk een beeld. We zien niet wat er achter de schermen gebeurt.

Iedereen heeft het druk. Is dat vaak een excuus? Ja natuurlijk. Kunnen we tijd besparen? Ja, natuurlijk.
Maar mogen we dat zelf beslissen? Zelf kiezen wat onze prioriteiten zijn en waar we tijd aan spenderen?

Ik zou zeker wat minder tijd moeten doorbrengen achter de smartphone. Vaak ook een vlucht om even alles los te laten, ook al is dat totaal niet gezond. Maar ook dat is mijn keuze.

Alles kan efficiënter en dat is net de ziekte van onze tijd. Alles moet en kan beter.

Geen zin om daar aan mee te doen. Laat mij maar klooien op mijn tempo. Ik vind m’n weg wel.

Prioriteit voor mij: mijn gezin. Want zij moeten de bonen fretten van mijn ondernemersbestaan. En tegelijk zijn er ook veel voordelen voor hen. Maar de tijd die overschiet verdienen zij. En de tijd die daarna nog over is, moet ik spenderen aan zelfzorg.

Familie, superbelangrijk. Vrienden, ook. Het is jammer dat we leven in zo’n individualistische maatschappij waarbij ieder voor z’n eigen deur veegt, maar niet even de deur van de buurman meeneemt, die niet goed te been is. Ik zou echt veel meer tijd willen maken voor familie en vrienden, maar evengoed hebben zij het ook druk.

Een handvol vrienden heb ik en zij zijn me dierbaar. Een hondertal kennissen heb ik, en ook zij zijn me dierbaar. Ik vind heeeeeel veel mensen leuk, maar ik kan niet met iedereen vrienden zijn. Dat heb ik lang gedacht, maar dat trek ik niet.

Ik wil me niet continue schuldig voelen. Heb ik ook lang gedaan.

Een vriend die je terug ziet na lange tijd, die zegt: ‘Wat heerlijk om je te zien’.
Een vriend kan iemand zijn die je twee keer per jaar ziet, maar waarmee het nooit vreemd voelt.
Je zit direct in de flow met elkaar. Perfect! Wat bepaalt vriendschap? De kwantiteit of kwaliteit?

Een vriend geeft je geen schuldgevoel. Iedereen doet zijn best. Daar moet je vanuit gaan.
Investeer niet (meer) in mensen die niet in jou investeren. Ook al is dat niet slecht bedoeld.
Iedereen doet z’n best met de beperkte tijd die er is. Ook al kun je daarover discussiëren, dat tijd relatief is, eigenlijk niet bestaat, dat ons systeem ziek is en blabla.

Vrienden vullen elkaar aan. Net zoals in een relatie is afhankelijkheid niet gezond.
Vrienden zijn evenwaardig, gelijkwaardig en geven en nemen moet in balans zijn.

Met familie is dat niet altijd zo gemakkelijk. De oma die wil vertellen over al haar kwaaltjes. Jij die eigenlijk al heel moe bent van je werkweek en misschien niet goed hebt geslapen door je kindjes. In zo’n geval is het soms uit liefde even blijven staan. Omdat het je oma is. Maar evengoed kan je haar zeggen dat je erg moe bent en dat je het moeilijk vindt om lang te blijven.

Spontane ontmoetingen vind ik de fijnste. Ik heb het geluk dat mijn buurvrouw mijn vriendin is en dat ik haar heel spontaan kan ontmoeten aan de schoolpoort en in de voortuin. Die ontmoetingen, daar hoef je geen tijd voor te maken, die tijd is er vanzelf. Die zalige, onvoorbereide momenten. Die onverwachte koffie.
Mmmm, die zouden er van mij meer mogen zijn. Die heb je als mensen dichter bij elkaar gaan wonen.

Ook het nieuwe wonen, dat geeft uitdagingen, maar het maakt wel veel mogelijk. We zouden confrontaties moeten aangaan met elkaar, want nu kunnen we gewoon wegduiken in ons eigen hol en doen alsof we niet thuis zijn. Maar het zou ons meer mens maken, doordat ons sociale leven niet ‘op afspraak’ moet verlopen.

Ga er van uit dat je vrienden het beste met je voorhebben. Laat ze los, laat ze vrij, leg niks op.
Dat is liefde. Er moet al zoveel. Laat vriendschap niet ‘moeten’. Zie gewoon graag en oordeel niet.

Stuur jij vandaag ook eens een berichtje naar een vriend of vriendin waarbij jij die vrijheid ervaart?

Laat schuldgevoelens los. Heel vaak hebben ze niks met jou te maken.

Fijne zondag!

preker Nina

Wie ben ik, zonder officiële titel?

Het borrelde al hier en daar bij mijn collega’s, die prachtige dingen doen, maar ook geen psychologen, psychiaters of therapeuten zijn met een jarenlange opleiding.

Ik ben van opleiding maatschappelijk adviseur. Dat is een richting die je kan kiezen in de bachelor sociaal werk en daar specialiseerde ik me vooral in arbeidstrajectbegeleiding. En op zich ben ik daar nog altijd blij mee, aangezien dat mij nog altijd énorm boeit: het pad dat mensen gaan.

Ik pretendeer geen therapeut of zelfs coach te zijn, ik vind het moeilijk om daar een naam op te plakken.
Ik noem mezelf liever een inspirator, zonder dan het goeroegehalte daarmee te laten stijgen, want daar heb ik een allergie aan.

Ik heb geen psychologie- of therapieopleiding gevolgd, want ik geef geen therapie. Ik graaf niet in trauma’s of het verleden. Het komt vanzelf aan bod, als het nog aan de orde is in het NU.

Ik vind het best een pittig wereldje om in te belanden, als cliënt. De hulpverlening. Een doolhof, niet wetende waar je naartoe moet, wie je kan vertrouwen en wie je écht zal begrijpen. Zo kwam ik zelf terecht bij heel veel verschillende hulpverleners, toen ik kampte met slaapproblemen, depressie en angsten. En echt wel met de beste bedoelingen, deden ze hun werk. Ik kwam enkele pareltjes tegen, waaronder een hypnosetherapeute in Antwerpen (totaal uit mijn comfortzone toen, want ik was nét afgestudeerd en ik was tot dan toe eigenlijk niet met ‘alternatieve’ dingen bezig). Mijn moeder ging er verrassend genoeg in mee en die hypnosetherapeute heeft mij van mijn slaapproblemen afgeholpen. Of ze hielp allesinds mijn onderbewustzijn te herprogrammeren. Wàt een lieve vrouw, wat een zachtheid en wat niet-veroordelende houding. Maar bovenal: ze plaatste zich niet boven mij. Ik begrijp nu dat ze mij echt zàg voor wie ik was. En dat ze zelf heel erg diepvoelend was.

Kwetsbaar als ik was, ging ik met de trein naar Borgerhout, waarvan ik toen nog het idee had, dat ik zou overvallen worden als ik er alleen rondliep ;). Ik met mijn kap op, mannelijk en stoer lopend, richting de hypnotherapeute haar appartement. Helemaal alleen, totaal niet wetend wat hypnose was, maar wél rotsvast overtuigd dat dit de weg was voor mij.

Achteraf gezien, een beetje naïef, maar zo dankbaar dat ik bij de juiste persoon terecht kwam. Dat ik mijn gevoel toen al durfde volgen, in 2008.

Maar later in mijn proces, kwam ik dan toch bij mensen terecht die mij méér schade toebrachten dan dat ze mij ondersteunden. En ik besef nu dat die beslissingen niet met mijn hart werden genomen, maar vanuit angst. Een gevoel van ‘Red mij’. En dat ik al vanuit een onderdanige positie in die hulpverlening terecht kwam.

Zowel in de reguliere als de alternatieve hulpverlening kan je mensen tegenkomen die vanuit macht handelen. En gelukkig heb ik er zo maar twee moeten ontmoeten en heb ik er ook énorm veel van geleerd. Ik mocht namelijk op een gegeven moment écht beseffen: “Dit moet stoppen, mijn gevoel zit juist”.
Als iemand je zegt “Ik alleen kan jou helpen”, dan moet je de benen nemen. Letterlijk: gaan lopen.
Dan speelt er macht mee, iemand die je afhankelijk wil maken. En geloof me, als je zo diep zit, dan wil je eigenlijk écht wel horen dat iemand je kan helpen.

Nog zo’n verwarrende in een hulpverlenersrelatie is het volgende: “Ik confronteer jou, hou jou een spiegel voor, daarom wil je liever gaan lopen. Als je hiervan wegloopt, ga je nooit je probleem oplossen.”
Oooohhh, zo’n ongelooflijk verscheurende! Je voelt dat er iets niet klopt, je voelt je onveilig, maar o, misschien is dit gewoon hoe confrontatie voelt? Ik word te fel geraakt door deze persoon?

Mijn mening? Het mag nooit onveilig voelen. Je mag je ongemakkelijk voelen, geraakt voelen, je mag willen weglopen. Maar niet omdat het onveilig voelt, je je onder druk voelt gezet.

En damn, wat heb ik sommige mensen te lang toegelaten. Ik geloofde wat ze zeiden over mij.
Een psychiater schreef in zijn verslagen dingen die ik niet kon thuisbrengen. En ik had daar geen enkel zeggenschap over. Een andere therapeut kraakte mij op m’n kwetsbaarste af aan de telefoon, waar ik tot de dag van vandaag nog rillingen van krijg.

Op een gegeven moment geef je je ook over aan zo’n mensen. “Help mij, ik kan het niet alleen”.
En dat moet ook kunnen, in alle veiligheid. Maar eigenlijk is het “Leer mij mezelf helpen".

Ik vind het dus een heel moeilijk landschap en kluwen van psychiaters, therapeuten, coaches, maatschappelijk werkers. Er zijn zoveel mensen die prachtig werk doen en hun ‘titel’ maakt mij weinig uit.
Hun levensweg interesseert me veel meer. Wie zijn ze, waarom doen ze wat ze doen, wat is hun visie op de wereld en bovenal: zijn ze zelf diepvoelend?

Als ik écht een bepaald patroon wil doorbreken, dan ga ik uiteraard op zoek naar een geschoold iemand in hypnose-, gedragstherapie of een andere techniek. Maar als mijn gevoel zegt: bij die persoon moet je zijn, ga ik niet eerst zijn of haar CV opvragen.

Dit is geen pleidooi om maar eender wie te vertrouwen, maar vooral je gevoel.
Als je kampt met diepe trauma’s, als je héél veel gekwetst bent in je leven, ga dan niet naar de àllerbeste en meest gespecialiseerde therapeut, maar kies iemand waar je je in de eerste plaats veilig voelt.

Maar, zoals gezegd, ik ben geen goeroe, dus doe wat je wil :)

De reden dat ik dit moet schrijven, is omdat mij uiteraard vaak gevraagd wordt “Wat ik juist doe”.
Het is een groeiproces, om te benoemen, in woorden te gieten, wat ik doe.
Ik verborg me in het verleden altijd achter “Webshop en winkel”, maar dat was omdat ik geen zin had om uit te leggen wat ik doe, of sterker: omdat ik het niet KON uitleggen.

Ik spreek in de verleden tijd, maar het is nog steeds moeilijk voor me om ‘snelsnel’ op die vraag te antwoorden, zéker als ik voel dat er geen ruimte is.

Ik heb inderdaad een webshop en een winkel, ‘t Pure vrouwtje. Maar ik noem dat altijd lachend mijn dekmantel. Mijn missie is groter dan producten verkopen, ook al vormen ze een énorm belangrijk deel van mijn leven en het werk dat ik doe.

Ik maak mensen graag wakker. Of dat nu in de supermarkt is, tijdens een wandeling, in de wachtzaal of in de trein, ik vind het heerlijk om te praten met mensen over wie ze zijn en wat hen drijft in het leven.
Ik ga niet letterlijk aan ze lopen schudden, maar stel wat prikkelende vragen, sterker dan mezelf.
Ik weet niet altijd wat er daarna gebeurt, maar vaak krijg ik achteraf toch een mailtje.
Of kom ik ze jaren nadien tegen en herinneren ze zich dat gesprek.

Dat mijn studiekeuze nog niet zo slecht gekozen was, denk ik zo. En mijn werkervaring als arbeidstrajectbegeleider ook niet. Want wat mij het meeste blijft boeien is wat mensen hun eigen unieke weg is, wat ze ‘te doen’ hebben hier. Gedurende die korte tijd dat we hier zijn.

Maar het is niet arbeidstrajectbegeleiding dat ik doe, het is iets ongrijpbaars.
Ik wens er geen naam op te plakken (voorlopig), want elk vakje is te klein of te beperkend.

Ik steek graag mensen hun vlammetje weer aan, of beter, laat ze het zelf aansteken.
En, het is voornamelijk doordat ik zélf een diepvoelend mens ben, dat ik mensen volledig kan begrijpen in hun struggles met hun sensitiviteit. En daar schrikken klanten vaak van: “Huh, jij begrijpt dat”.
Duh!

Het liefst werk ik in groep, omdat de kracht van herkenning gewoon onbetaalbaar is.
Het niet-alleen-voelen, verbondenheid. Het is allemaal al individualistisch genoeg in onze maatschappij die we hebben gecreëerd.

Maar ga ik mij boven mensen stellen waar ik mee werk?
Zet ik hen in een afhankelijke positie?
No way.

Ik lap alle deontologische regels aan mijn laars, vermoedelijk.
Ik hou te weinig afstand. Ik mensen te graag. Ik sluit ze in mijn hart.
Hoe kan je ook anders, met zo’n pareltjes?

Maar, ik ben dan ook geen therapeute of psychologe die met diepe trauma’s aan de slag gaat.
En ik begrijp natuurlijk dat in die beroepen, er een zekere gezonde cliënt-hulpverlener-afstand moet zijn.

Het leuke is, dat ik zelf mijn ding kan doen, zonder dat ik één of andere code moet volgen.
Dat houdt me jammer genoeg soms wel tegen om interessante opleidingen te volgen.
Ik doe te graag mijn eigen goesting, ik hou niet van opgelegde referentiekaders en regels.

Ja, toch wel een klein rebelleke in mij!

Ik krijg de kriebels als ik me bij één of andere federatie moet aansluiten en ‘richtprijzen’ moet vragen.
Ik wil vrij zijn, ten allen tijde, om te doen, wat ik te doen heb, te schrijven wat ik te schrijven heb.

Ik pretendeer niet iets te zijn dat ik niet ben.

IMG_20190713_190841.jpg

Ik ben gewoon een blije ziel, in een blij lijf, in een wereld die ik graag wat mooier wil maken.
Er is geen enkele stempel of titel die daar op past.
Of wel?

Dankje om me te lezen!

Reacties altijd welkom :)

x

Nina

Heb jij interesse in een groepsreeks rond diep voelen & het ontdekken van je missie op deze wereld?
Vul onderstaand formulier in en ik hou je op de hoogte!

Naam *
Naam

De donkere nacht van de ziel

Er is al zoveel over geschreven, over de donkere nacht van de ziel. Ik zou dat nu kunnen gaan opdissen, maar het interesseert me niet echt welke theorieën erover zijn.

Ik weet alleen dat ik enkele keren per jaar zo’n nacht meemaak. En dat me dat altijd heel erg benauwt, dat er veel angst is, dat ik in twijfels schiet. Ik voel me de periode erna altijd broos, wankel, maar tegelijk vol inspiratie en zachte kracht. Het is nodig om mij op het juiste pad te houden, dicht bij m’n gevoel, niet al vijfhonderd stappen ervan weg.

De balans tussen hart en ratio, ze is zo snel zoek. Als diepvoelend persoon vlucht ik gemakkelijk in mijn hoofd, omdat dat soms veiliger is dan gaan voelen. Het voelen, ja, dat ben ik soms beu. Koude-pap-beu.
Nee, geef mij maar af en toe mijn hoofd. Beredeneren. Uitdenken. Lijnen uitstippelen. Lijstjes afvinken.

En ja, dan komt daar zo’n donkere nacht. Die me weer helemaal door elkaar schudt.
Juni is steevast wel de maand waarin zo’n nacht komt opdagen. Juni is intens voor me, altijd al geweest.
Toen ik twaalf was, brandde m’n huis af, in juni. In juni had ik altijd faalangst met de examens. In juni waren de avonden altijd te lang en de eenzaamheid te groot. In juni kreeg ik voor het eerst hyperventilatie aanvallen. Enkele maanden na de bevalling van mijn zoon, in juni, liet mijn schildklier het afweten en ervoer ik heel veel intense gevoelens.

Enzoverder.

Juni zal altijd speciaal voor me blijven. Haat-liefde zoiets.

Soms, als ik mezelf overdenk (ja, denken is zo fijn soms), dan komt nog wel eens de gedachte op dat ik toch wel héél vreemd in elkaar moet zitten. De intensiteit van mijn gevoelswereld is af en toe toch écht wel niet meer normaal. Zeker als ik dit deel met de buitenwereld, moet ik soms wel eens lachen met mezelf.

Gisteren deed ik op aanraden van iemand een enneagram test online. Ik kwam uit op type 4: de individualist. Emotioneel erg complex en erg gevoelig. Ik denk dat het geen goede periode in mijn cyclus is om de test te doen ;-). Ik zal hem later nog eens herhalen, als ik uit mijn hormonale rollercoaster ben. Ik moet namelijk wel een combinatie van types zijn, aangezien er zoveel facetten van mij zijn.

Zo kon ik afgelopen zaterdag enorm genieten van het eerste schoolfeest van onze zoon. De echte verbinding met anderen, traantjes over mijn wangen bij het zien van onze zoon die zo genoot van het dansen. Heerlijke ontmoetingen en ook enkele mama’s met wie ik een hele fijne klik heb.

Ja, een individualist zou ik me niet noemen. Ik hou ervan om in mijn binnenwereld te vertoeven, dat wel.
Ik herinner me als kind de busreizen naar het zwembad of die lange busrit naar Italië om te skiën. Ik vond het heerlijk om mijn ogen dicht te doen en te dromen. Die lange busrit naar Italië met een Valentijnskaartje in de hand van mijn lagere-school-liefje. Alleen al met dat kaartje kon ik een heel verhaal verzinnen dat ik levendig kon afspelen voor mijn ogen. Noem het vluchten, maar voor mij blijft dat heerlijk.

Tegelijk snak ik constant naar verbinding. Echte contacten. En dat is misschien mijn grootste zwakte. Niet iedereen heeft daar even veel nood aan. Ik ook niet altijd, maar ik heb het wel dagelijks nodig. Echte verbinding, diepgaand. En ja, tuurlijk mag het ook eens luchtig zijn, maar dat kan voor mij precies enkel als ook die andere kant er ook mag zijn.

In een relatie met een man is dat niet altijd zo gemakkelijk. Zowieso de verschillen tussen man & vrouw, maar ook de verschillen tussen niet-hsp en hsp. Al is mijn man best gevoelig. Gooi daar nog de dagelijkse routine bij en een heel mooi, aanwezig kind en er is al snel een gebrek aan echte verbinding.

Ik ervaar dit onderwerp als taboe en tegelijk hoor ik rond me niks anders. Vrouwen die heel erg verlangen naar verbinding en zich zelfs wat eenzaam voelen in hun relatie.

Ik weet in de eerste plaats niet of het zo’n natuurlijk proces is, hoe wij deze dagen leven. Allemaal op ons eilandje, met als dragende basis man en vrouw. Daarbovenop een hoop kinderen, twee jobs en een hoop verplichtingen.

Ik weet niet of die basis daarvoor zo geschikt is. Ik vind dat er heel veel druk staat op relaties deze dagen.
Je moet het allemaal maar rooien met z’n tweeën. Eén kind? Denk al maar meteen aan een tweede. Hulp moet je wel niet verwachten, je kan dat toch perfect zelf aan als koppel?

Ik pleit voor meer samen. Ik ervaar zoveel geluk, als wij samen met anderen zijn. Als hier kinderen van anderen rondlopen, als we het samen kunnen doen, voor elkaar. Met de nodige momenten alleen.

Ik verlang in die zin wel naar nieuwe vormen van wonen. En ook mijn grote droom met ‘t Pure vrouwtje en Twee werelden geeft uiting aan die behoefte. Die grote droom, dat gaat zich afspelen op een nieuwe locatie. Op z’n tijd. Maar verbinding zal daar wel centraal staan.

Voila, dit is wat mijn donkere nacht me bood. Terug connecteren met wat er diep in me leeft.
En de weg die ik te volgen heb. De uitdagingen. De hoop die ik heb voor de wereld.

En nu probeer ik terug te keren naar het nu, wat er NU is.

Ik weet zeker dat heel wat mensen dit blogartikel niet zullen begrijpen, maar ik weet ook zeker dat er iemand is die elke letter ervan zal verstaan. En dat toont nog eens de Twee werelden. Die mogen er gewoon zijn. Verbonden op sommige momenten en afgescheiden op andere.

Dankje om me te lezen op deze lichte, zonnige dinsdag!

Nina

eyes-4043559_1920.jpg